WELKOM OP MIJN WEBLOG

Dit blog is in de loop der jaren veranderd. Ooit ging het vooral over de bibliotheek, nu gaat het meer over lezen en taal. (Wie denkt: de bibliotheek gaat toch óók over lezen en taal, ziet dat anders dan ik.) Ooit werd het elke dag bijgehouden, nu minder regelmatig. Wat hetzelfde gebleven is: opmerkingen zijn van harte welkom.

woensdag 14 januari 2009

Wat ik las 8

Voordat ik De jongen in de gestreepte pyjama las, las ik Sneeuweieren van Ricus van de Coevering. Dit boek hoort thuis in het volgende lijstje:

1. Ricus van de Coevering: Sneeuweieren
2. Simone Lenaerts: Zeewater is zout, zeggen ze
3. Willem Jardin: Monografie van de mond
4. Tania Heimans: Hemelsleutels
5. Janneke van der Horst: Ik weet hoe jongens huilen

Herkende iemand dit lijstje? Het zijn de genomineerde boeken voor de Academia DebutantenPrijs 2009. En voor wie nu denkt 'wat is dat nu weer voor een prijs?' geef ik hier enkele winnaars uit voorgaande jaren:
• Anna Enquist voor Het Meesterstuk in 1995
• Jessica Durlacher voor Het Geweten in 1998
• Erwin Mortier voor Marcel in 2000
• Gerbrand Bakker voor Boven is het stil in 2006
• Marieke van der Pol voor Bruidsvlucht in 2007/2008

Sneeuweieren was me een keer in de boekhandel aangeraden en toen onlangs een kennis met wie ik wel eens over boeken praat er ook erg enthousiast over was, ben ik het gaan lezen.

Is er iemand die dit stukje leest en die Boven is het stil van Gerbrand Bakker mooi vond? Die kan ik Sneeuweieren van harte aanraden. Het is een boek met een soortgelijke sfeer en een soortgelijk taalgebruik en ook de meeste recensies die ik gelezen heb wijzen op de overeenkomsten.

Zelf hoorde ik tot die paar lezers (als ik niet de enige was) die Boven is het stil niet zo konden waarderen, en ook van Sneeuweieren was ik niet bijzonder onder de indruk. Ik ging op zoek naar bevestiging van mijn oordeel, want vaak is er toch wel één recensie te vinden die jouw mening tot uitdrukking brengt, maar ik vond alleen lof voor dit boek. Trek je van mij dus vooral niks aan en lees het.

Ik zal niet te veel prijsgeven want het is een boek met een soort 'plot' en die hoor je natuurlijk niet te vertellen als je een boek bespreekt, al doen recensenten dat soms wel.

Het boek gaat over drie mensen die tot elkaar veroordeeld zijn, zoals dat vaker gaat in gezinnen. Het zijn kippenboer Harm, zijn vrouw Olga, die voor ze met hem trouwde zijn huishoudster was, en hun uit Ghana afkomstige geadopteerde zoon David. Harm en Olga hebben David geadopteerd nadat ze een doodgeboren dochtertje hadden gekregen, waarna Olga zelf geen kinderen meer kon krijgen. David was op de basisschool in het dorp een buitenbeentje en werd gepest, maar in de brugklas in de stad is hij niet de enige bruine leerling en daar voelt hij zich beter thuis. Hij is geïnteresseerd in de natuur en wil bioloog of arts worden. Harm zou graag zien dat David later het bedrijf overnam, maar daar voelt David niks voor. Zelf werkt Harm keihard in zijn fokkerij van scharrelkippen en heeft soms niet eens tijd om even naar binnen te gaan om te gaan eten, zodat Olga vergeefs op hem zit te wachten. David haalt af en toe rotstreken uit, zoals het in brand steken van de vogelverschrikker van de buurman. Harm geeft hem dan wel eens een klap. Olga had graag zangeres willen worden en zingt nu in een kerkkoor. Op een dag in de herfstvakantie gaat David naar het moeras om daar een mot die hij gevangen heeft vrij te laten. Na uren is hij nog niet terug en als het al bijna donker is gaat Harm hem zoeken. De rest laat ik onbesproken.

De kennis die me het boek aanraadde noemde het 'verstild' en dat vind ik wel een toepasselijke term. Het verhaal is sober en de stijl ook. Dat beviel me wel, al vond ik sommige zinnen wat stijf en leek het alsof de auteur krampachtig probeerde geen fouten tegen bepaalde 'regels' te maken (zoals niet twee keer achter elkaar hetzelfde woord gebruiken, waardoor 'zien' ineens 'ontwaren' wordt). Wat me hinderde was de vele kippensymboliek: te vaak naar mijn smaak ging het over eieren, veren en het eten van kip. De sneeuweieren uit de titel zijn ook een gerecht met veel eieren, het lievelingstoetje van David. Aan het eind van het boek verkleedt Olga zich in een jurk waar ze zelf veren op genaaid heeft en doet er laarzen bij aan, zodat je meteen denkt: ze ziet eruit als een kip.

Het is een treurig boek over mensen die teleurgesteld zijn in het leven en in elkaar en hoewel ik niets heb tegen dergelijke boeken, integendeel zelfs, miste ik een beetje humor of ironie. Ik denk dat dat de reden is waarom ik het boek niet echt goed vond. Maar nogmaals, als je van Gerbrand Bakker houdt zal Sneeuweieren je hoogstwaarschijnlijk ook bevallen.

Zie hier het weblog van Ricus van de Coevering.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen