WELKOM OP MIJN WEBLOG

Dit blog is in de loop der jaren veranderd. Ooit ging het vooral over de bibliotheek, nu gaat het meer over lezen en taal. (Wie denkt: de bibliotheek gaat toch óók over lezen en taal, ziet dat anders dan ik.) Ooit werd het elke dag bijgehouden, nu minder regelmatig. Wat hetzelfde gebleven is: opmerkingen zijn van harte welkom.

woensdag 31 oktober 2012

Wat ik las 65

Via het Interbibliothecair Leenverkeer kon ik een exemplaar van De muziek van het toeval van Paul Auster lenen. Ik las het en vraag me nu af: wat kan ik erover zeggen? Ik voel me weer net zo onzeker als bij bijna alle  andere boeken van Auster die ik las. Wat wil Auster met dit boek  duidelijk maken? Wíl hij er wel iets mee duidelijk maken?

Toen ik de titel De muziek van het toeval zag dacht ik meteen: dat moet ik lezen! Ik had na een aantal boeken van Auster het gevoel gekregen dat toeval een belangrijk thema is in zijn werk. Dus dit leek mij het boek dat dat idee zou kunnen bevestigen. Ik keek niet waar het over ging en dacht dat het een soort essay zou zijn. Maar dat bleek niet zo te zijn, het is een roman. Op de eerste pagina staat dit:

Het kwam allemaal neer op een kwestie van aaneenschakeling, de loop der gebeurtenissen. Als het de advocaat geen zes maanden had gekost om hem op te sporen, zou hij nooit onderweg zijn geweest op de dag dat hij Jack Pozzi ontmoette en zodoende zouden geen van de dingen die voortvloeiden uit deze ontmoeting ooit zijn gebeurd.

Maar die dingen gebeuren wel en worden in het boek verteld. Jim Nashe heeft een flinke erfenis gekregen. Zijn vrouw is kort daarvoor bij hem weggegaan en hij heeft hun dochtertje van twee toen ondergebracht bij zijn zus. Hij geeft zijn baan als brandweerman op, koopt een Saab en begint aan een zwerftocht door Amerika. Als zijn geld geslonken is tot ruim 10.000 dollar beseft hij dat het einde van zijn zwervende bestaan nadert. Dan ontmoet hij Jack Pozzi. Pozzi loopt langs de kant van de weg en ziet eruit of hij in elkaar geslagen is, wat inderdaad zo is. Pozzi verdient zijn geld met pokeren en na een roofoverval tijdens een pokerpartij is hij slaags geraakt met andere pokeraars die hem als de oorzaak van de overval zagen.

Nashe ontfermt zich over Pozzi, neemt hem mee naar een hotel en koopt kleren voor hem. Pozzi vertelt dat hij een afspraak heeft voor een pokerwedstrijd die hij zeker verwacht te winnen, bij twee miljonairs, maar dat hij nu geen geld heeft om daarvoor in te zetten. Nashe besluit hem 10.000 dollar te geven, de winst zullen ze delen. Ze gaan naar de twee miljonairs. De mannen, voorheen accountant en optometrist, pokerden toen ze nog werkten elke vrijdagmiddag samen. Ze zijn zo rijk geworden door een winnend lot in de loterij. Ze kochten elke week samen een lot. De een is weduwnaar, de ander is door zijn vrouw verlaten en nu wonen ze samen op een groot landgoed.

De pokerpartij pakt anders uit dan Pozzi verwacht had en Nashe is al zijn geld kwijt. Nashe heeft ook zijn laatste geld nog ingezet, plus zijn auto, maar ook dat raken ze kwijt. De miljonairs, Flower en Stone, zeggen dat Nashe en Pozzi hun schuld kunnen terugverdienen door voor hen te werken. Ze hebben een grote hoeveelheid stenen, die ooit deel uitmaakten van een kasteel, laten verschepen uit Ierland en willen er een muur van laten bouwen op een open gedeelte van hun terrein, dat verder uit bos bestaat. Nashe en Pozzi kunnen een begin maken met die muur en zo hun schuld afbetalen.

Nashe en Pozzi tekenen een contract en krijgen een ruime caravan tot hun beschikking om in te wonen. Voor kleding, eten, drank en wat ze nog meer wensen wordt gezorgd. Een opzichter, Calvin Murks, geeft aanwijzingen en houdt hen in de gaten. Na vijftig dagen werken zullen ze hun speelschuld hebben afbetaald. Ze gaan aan het werk en ontwikkelen een soort dagelijkse routine. De muur vordert gestaag. Het is zwaar werk maar Nashe krijgt er een zeker plezier in. Pozzi is soms agressief en bedreigt Murks, die vervolgens gewapend met een pistool op het werk verschijnt. Nashe en Pozzi hebben al snel ontdekt dat het hele terrein door hekken omgeven is. Zij zijn dus in feite gevangenen.

Als de vijftig dagen voorbij zijn wil Pozzi een feestje geven en daar ook een vrouw bij uitnodigen. Dat wordt door Murks geregeld en Pozzi en het hoertje hebben het leuk samen. Nashe verzorgt een overvloedige maaltijd. Later blijkt dat ze weliswaar de pokerschuld hebben afgelost, maar dat er nieuwe schuld is ontstaan door het eten dat hun geleverd is en door de tijdschriften en het slotfeestje. Dat werd allemaal niet door het contract gedekt. Dus moeten ze nog langer doorwerken voor ze wegkunnen. Nashe zegt dat hij het verder wel alleen voor zijn rekening zal nemen en dat Pozzi kan ontsnappen als ze een gat onder het hek graven. Dat doen ze en Pozzi gaat ervandoor, maar ligt de volgende dag zwaar gewond en bewusteloos voor de caravan. Murks en zijn schoonzoon brengen hem naar het ziekenhuis, maar Nashe verdenkt hen ervan dat zij Pozzi hebben aangevallen. Nashe komt er niet achter of Pozzi het overleeft. Murks beweert van wel, maar Nashe vertrouwt hem niet.

Uiteindelijk heeft Nashe alle schuld afbetaald en is vrij. Hij zal nog wat langer blijven werken om geld voor zichzelf te verdienen, maar hij gaat eerst met Murks en diens schoonzoon een avondje drinken in een nabijgelegen dorp. Eigenlijk wil hij dat niet, maar hij geeft uiteindelijk toe. Op de terugweg bestuurt Nashe de auto (zijn voormalige Saab die Flower en Stone aan hun opzichter hebben gegeven) en rijdt veel te hard. Er komt een tegenligger aan en hij kan niet meer remmen. Hoe het afloopt wordt niet vermeld.

Dat was het verhaal, maar wat was de betekenis? Ik dacht al lezend even dat het werken aan de muur en het gevangen zijn misschien een metafoor voor het leven zijn. Omdat dat vaak ook stug doorploeteren vereist en geen ontsnappingsmogelijkheid biedt. Maar of Auster het zo bedoelt? Daar gaat het natuurlijk ook niet om, het gaat erom wat het boek met de lezer doet. Met mij als lezer deed het eigenlijk niet zoveel. Het is zoals alles van Auster goed geschreven en ik las het geboeid in een paar dagen uit, maar het laat me wat onbevredigd achter.

Dat alles of in elk geval veel van wat je meemaakt toeval is, daar was ik al van overtuigd, daar voegt dit boek niets aan toe. Dat het wonderlijk kan lopen in het leven, ook dat was me bekend. Maar ik blijf denken dat er meer achter zit en dat ik Auster gewoon niet begrijp. Dat voelt een beetje onprettig, maar het weerhoudt me er niet van een volgend boek van hem aan te vragen bij de bibliotheek.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen