Posts tonen met het label Piet van Boxel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Piet van Boxel. Alle posts tonen
donderdag 8 november 2012
Bekend maakt bemind
Toen ik in december 1978 (de aanschafdatum staat in het boek) Een vlucht regenwulpen van Maarten 't Hart las vond ik het zó mooi dat ik toen ik het uit had meteen weer bij het begin begon en het nog een keer las. Dat vond ik toen zo wonderlijk van mezelf dat ik het nog steeds weet. Een boek herlezen? Dat had ik, behalve misschien met mijn kinderboeken, nooit eerder gedaan, waarom zou ik ook, er zijn toch zoveel boeken?
Inmiddels ben ik daar anders over gaan denken. Het komt nu vaker voor dat ik romans herlees, meteen als ik ze uit heb of later een keer, en ik vind het niet raar meer om dat te doen. Ik begin zelfs meer en meer te denken dat het zo hóórt. Dat je een goed boek altíjd minstens twee keer zou moeten lezen. Elke keer als ik het doe merk ik dat het boek de tweede keer weer bijna nieuw voor me is. Dat komt omdat ik, tot mijn frustratie en soms zelfs vertwijfeling, het meeste van wat ik lees weer snel vergeten ben. Maar het komt ook omdat ik bij een tweede lezing allerlei dingen ontdek die ik de eerste keer niet zag. In het begin van een boek kun je bijvoorbeeld iets lezen dat pas later een rol krijgt in het verhaal, maar waarvan je dan al niet meer weet dat het eerder genoemd is. Bij een tweede lezing herken je het. Of iets wordt een paar keer herhaald in het boek. Pas bij herlezen valt dat je op. Een eerste keer lees ik ook altijd te snel, omdat ik wil weten 'hoe het afloopt'. De tweede keer lees ik rustiger en ik ben me dan meer bewust van de opbouw en de stijl en van wat de auteur belangrijk vindt. Het is dan ook meestal helemaal niet saai om een goed boek twee keer te lezen, integendeel, de tweede keer is vaak boeiender dan de eerste.
Een schrijver werkt maanden aan een boek, vaak zelfs jaren. Het lijkt bijna onfatsoenlijk om het in een paar dagen uit te lezen en er dan nooit meer in te kijken. (Zoiets als dat je moeder vroeger zei: daar heb ik nou uren voor in de keuken gestaan en jullie hebben het in tien minuten op.) En je doet ook jezelf tekort. Muziek waar ik van hou beluister ik vele malen, iets wat ik lekker vind wil ik elke week wel eten, met iemand die ik aardig vind kan ik jaren corresponderen, een mooi schilderij terugzien is altijd een plezierige ervaring. En een roman zou ik dan maar een keer kunnen lezen? Dat is toch eigenlijk heel vreemd?
Ik onthou nu al een jaar of twintig een zinnetje van Kees Fens, ooit gelezen in de NRC. Misschien onthou ik het verkeerd, maar dat doet er niet toe want zoals ik het me herinner houdt het me bezig. Het luidt: 'Vanaf een bepaalde leeftijd zou je eigenlijk alleen nog maar moeten herlezen.' Toen ik het las dacht ik: misschien is dat zo, maar die bepaalde leeftijd heb ik in elk geval nog niet bereikt, daar ben ik nog veel te jong voor. Nu begin ik me af te vragen of het misschien inmiddels wél zover is. Of bijna. Maar ik schuif het toch nog even voor me uit. Alléén maar herlezen, nooit iets nieuws meer? Ja, veel nieuwe boeken vallen tegen en veel boeken die ik al ken zijn het herlezen zeker waard. Maar toch wil ik er nog niet aan. En, afgaand op dat 'eigenlijk' in zijn zinnetje, had Fens er zelf ook moeite mee.
Dus heb ik als goeie Hollander een compromismodel gevonden: ik blijf mij onbekende boeken lezen en als ik ze de moeite waard vind lees ik ze soms nog een keer. En af en toe pak ik een oude liefde uit de kast. Vorig jaar herlas ik De harde kern van Frida Vogels en dat was een prima ervaring, beter dan wat veel boeken die ik voor het eerst las me opleverden.
En wat nou toch wel gek is: ik ging nadat ik het bovenstaande geschreven had op zoek naar een plaatje voor bij dit stukje en kwam via Google op mijn eigen blog terecht, bij een ouwe blogpost waarin gedeeltelijk hetzelfde staat als wat ik vandaag schreef, maar waarin ik ook zeg: 'Al met al is het dus heel vreemd dat ik zo weinig herlees. Ik vermoed dat wat me tegenhoudt deze gedachte is: als je gaat herlezen geef je toe dat je oud bent.' Misschien heb ik nu, drieëneenhalf jaar later, toegegeven dat ik oud ben. Maar ik noem het toch liever voortschrijdend inzicht.
Schilderij: Piet van Boxel (1912-2001), Lezende oude vrouw aan tafel
Abonneren op:
Posts (Atom)

