Op het blog van (helaas) ex-collega TT, vond ik een mooi filmpje:
Het allermooiste van dit filmpje vind ik de de woorden 'spreading the joy of reading throughout the community'. Dát is nou precies wat ik graag als hoofddoel van de bibliotheek zou zien, laat ik het maar eerlijk toegeven.
'Wat in Amerika gebeurt, gebeurt hier 15 jaar later', werd vroeger wel gezegd. Inmiddels is die termijn vast korter geworden...
dinsdag 27 januari 2009
maandag 26 januari 2009
}:[
Plaatje hier gevonden.Op een privéblog hoor je niet uit de school te klappen over je werk. Ik heb het gevoel dat ik dat ook niet doe, of in elk geval niet erg vaak en dan nog alleen in algemene zin. Omgekeerd vind ik dat men op je werk niet jouw privédingen naar buiten hoort te brengen. Vandaag gebeurde dat toch en daarom voel ik me nu even niet gebonden aan mijn eigen regels. Sommige lezers van dit weblog herinneren zich misschien nog dat ik mij al op de 2e dag van de 23dingen druk maakte over de privacy van de deelnemers i.h.a. en die van mezelf in het bijzonder. Ik heb die strijd toen verloren en me daar, uiteraard, bij neergelegd. Vandaag kwam het oude gevoel weer even terug, want in het personeelsblad van ProBiblio stond: Naast het weblog van X en Y zijn er ook nog de blogs van P en Q. Q was in dit geval mijn naam en die ging vergezeld van de URL van 'schrijverdezes'. (X en Y waren een vorige keer vermeld, maar dat had ik toen helaas niet gezien.)
Wie mij een beetje kent zal er niet raar van opkijken dat ik 'op hoge poten' naar de redactie van het personeelsblad ging en daar vertelde dat ik onaangenaam getroffen was. Tja, te laat natuurlijk. Excuses, maar men dacht dat iedereen het wel wist. (Je vraagt je af waarom het dan nog vermeld moest worden.) En Y had er helemaal geen problemen mee gehad. (Nee, maar ik ben Q.)
Het schrijven van dit weblog is een privézaak, ook al gaat het vaak over bibliotheekgerelateerde zaken. Bibliotheekdingen hebben mijn belangstelling, maar dit blog schrijf ik in mijn vrije tijd en is dus een hobby. En ik vind dat in een personeelsblaadje niet zonder mijn toestemming mijn hobby's besproken horen te worden. Het was ook mogelijk geweest wel de namen van de weblogs maar niet die van de makers te noemen. Daar zou ik niet moeilijk over gedaan hebben. Dit zal wel geen mens kunnen meevoelen (daar moet je misschien een muis voor zijn), maar dat geeft niet, ik wou het toch even kwijt.
Labels:
privacy
zondag 25 januari 2009
Moralistisch open deur-praatje

The Open Door, foto uit 1844, hier gevonden
Al jaren las ik elke ochtend als ik naar mijn werk ging in de trein ongeveer een kwartier (tot aan Den Haag) in de Metro. In die krant staan elke week wel een paar moorden, althans zo herinner ik het me. Je kunt die moorden natuurlijk overslaan, maar dat lukte me nooit, ik las altijd het hele verhaal en dacht dan: wat zijn de mensen en de wereld toch slecht/gek/tragisch enz. En dan bleef ik nog wel eens een tijdje aan zo'n verhaal denken en stelde mijn huisgenoten er 's avonds soms ook van op de hoogte.
Om redenen die ik me niet meer herinner (als er al van een echte reden gesproken kan worden) ben ik een paar maanden geleden overgestapt op De Pers. In die krant staan bijna nooit moorden, althans niet het soort moorden waar de Metro zo graag verslag van doet (drama's in de relationele sfeer, roofovervallen e.d.). Ik word op dat gebied dus meer niet meer geïnformeerd. Voor het aantal moorden in Nederland maakt het niks uit en mijn geestelijk welbevinden is er misschien een pieklein beetje op vooruitgegaan. Mijn huisgenoten lijken er ook niks aan te missen, ze vragen in elk geval nergens naar.
Ik dacht hier aan omdat ik de laatste tijd wel eens mensen hoor klagen over een 'information overload'. Vooral bibliotheekmensen schijnen daar last van te hebben omdat 'informatie' hun specialisme is, heet te zijn of zou moeten zijn, afhankelijk van hoe je het wilt zien.
Zelf heb ik van een 'information overload' m.b.t. mijn werk eerlijk gezegd geen last. Mijn werk is in elk geval níet dat van informatiespecialist, maar dat van collectiemaker en dat dan nog alleen voor zorginstellingen. Om bij te houden wat zich op dat gebied afspeelt kun je het nog heel goed zonder feedreader stellen.
Ik heb dus makkelijk praten en ik begrijp heus wel dat het elders anders is. Maar ik denk ook dat het van allerlei dingen op de hoogte willen zijn soms iets verslavends heeft zonder dat het iets verandert of toevoegt aan je dagelijkse werkzaamheden. Bovendien gaat het zoveel mogelijk willen verzamelen van informatie altijd ten koste van de diepgang omdat een dag nu eenmaal maar 24 uur heeft en je ook nog moet slapen en eten en je kinderen naar zwemles brengen.
Misschien valt het eens te proberen om bepaalde dingen waarvan je je toch al half-en-half afvraagt waarom je ze eigenlijk wilt weten (zoals ik dat had met de moorden) gewoon eens een tijdje niet meer te lezen en even af te wachten hoe dat uitpakt. En als je achteraf toch denkt dat je wat gemist hebt kun je het altijd nog googelen of aan een collega vragen.
Beetje een moraliserend praatje vandaag, dat geef ik toe. Beetje een open deur ook, inderdaad. Maar ja, het stónd er boven en je bent het toch gaan lezen...
Labels:
information overload,
te veel informatie
zaterdag 24 januari 2009
Vergelijking

Foto: ANP
Een collega van me heeft vorige week een kleindochter gekregen en gisteren vroeg ik hoe het met het kleine meisje ging. Het ging goed, zei mijn collega, maar de ouders waren wel blij dat de kraamverzorgster vertrokken was. Hoezo, was het geen leuke zuster? Nee, ze hield helemaal niet van kinderen, dat had ze zelf verteld. Verontwaardiging bij de toehoorders: waarom kies je dan zo'n beroep?? Tja, ze zat eerst in de bloemen maar daar was geen werk meer.
Hier later nog wat over nadenkend wist ik ineens waar het me aan deed denken: aan de bibliothecaris die geen romans leest. Ik was van plan het daar niet meer over te hebben, maar ik doe het toch nog eventjes. Toen ik schreef dat ik vond dat bibliothecarissen romans horen te lezen, kreeg ik o.a. als reactie dat het belangrijk is dat je je klanten goed over boeken kunt adviseren, maar dat je daarvoor die boeken niet zelf hoeft te lezen. Ik vond dat eigenlijk wel redelijk en ik had me er al min of meer bij neergelegd. Maar dankzij de kraamverzorgster die niet van kinderen houdt zie ik het nu toch weer een beetje anders.
Als je net een kind hebt gekregen vind je dat het mooiste en liefste wezentje van de wereld. (Dat kan later veranderen, maar daar gaat het nu niet om.) Je kunt je dan nog wel voorstellen dat de kraamverzorgster er iets genuanceerder over denkt, want zij ziet natuurlijk elke week een nieuw pasgeboren wereldwonder. Maar je verwacht toch op zijn minst dat ze het bijzondere van jouw baby inziet en ook dat ze dol is op baby's in het algemeen. En als dat niet zo is ben je blij als ze weer vertrekt.
En als je naar de bibliotheek gaat omdat je van lezen houdt, verwacht je toch op zijn minst dat de mensen die daar werken óók van lezen houden. Nee, wie van baby's houdt hoeft ze niet zelf te krijgen, maar zal ze wel knuffelen en de hemel inprijzen. En wie van boeken houdt hoeft ze niet zelf te schrijven, maar zal ze in elk geval lezen en er waarschijnlijk ook graag over praten.
Labels:
bibliothecarissen en lezen
vrijdag 23 januari 2009
Feestje?

Vandaag las ik bij Tenaanval dat haar blog precies een jaar oud is. Ik verkeerde in de veronderstelling dat het mijne eind volgende week 'jarig' zou zijn, maar nu begon ik te twijfelen, want we zijn bij ProBiblio allemaal op dezelfde dag met de 23dingen-cursus begonnen. En inderdaad, ik ben ook op 23-1-2008 met mijn weblog begonnen. Omdat ik dacht dat ik nog even de tijd had, heb ik nog niet nagedacht over een 'evaluatie' dus die houden jullie tegoed. Maar ik wou het toch alvast even memoreren. Felicitaties zijn niet nodig. Maar neem gerust een stukje taart, hij staat ervoor.
Labels:
een jaar bloggen
donderdag 22 januari 2009
Beetje taal

Plaatje hier gevonden.
Zo af en toe duikt er ineens een nieuwe veelgebruikte term op in het dagelijks taalgebruik. Momenteel is dat 'toch?' Zoals ik vanavond bij AH het ene meisje tegen het andere hoorde zeggen: 'Dat was het dan wel, toch?' Let maar eens op als het je nog niet is opgevallen. 'Toch?' lijkt mij de opvolger van 'zeg maar', maar het is heel goed mogelijk dat ik er tussenin iets gemist heb. 'Zeg maar' is inmiddels teruggedrongen naar een uithoek van de samenleving en wordt vrnl. nog gebruikt door meisjesstudenten van rond de 20. 'Toch?' heeft vergeleken met 'zeg maar' het voordeel dat het per zin maar een keer gebruikt kan worden, nl. aan het eind, terwijl er mensen zijn die 'zeg maar' in een zin wel drie keer weten in te passen. Anders aan 'toch?' is dat het ook in de schrijftaal opduikt, terwijl 'zeg maar' echt spreektaal is (zoals de term zelf natuurlijk al aangeeft). Soms wordt 'toch?' aan het eind van een zin achter een komma gebruikt, soms is het een nieuw zinsdeel na een punt. Dus b.v.: 'Dat is wel een goed idee, toch?' of: 'Dat is wel een goed idee. Toch?'
Bij dit soort dingen vraag ik me altijd af: wie is er mee begonnen en hoe heeft het zich verspreid? Zou dat uit te zoeken zijn? En hoe komt het dat het zo aanstekelijk werkt? Op zoek naar een illustratie vond ik bovenstaande cd, die ik niet ken. (Ik hoop maar dat het geen al te slecht idee is om hem hier te plaatsen.) Is die de oorzaak of was het woord er al eerder?
Ik ben nog uit de tijd van 'weetjewel'. Om je dat te herinneren moet je denk ik wel boven de 50 zijn, toch?
Labels:
modewoorden
woensdag 21 januari 2009
Treingedicht

Bron: Flickr, foto: dearbarbie
SCRIPTA MANENT, MAAR NIET ALTIJD
Je droomde dat je reisde in een trein.
Je had een boek op schoot. Je las eruit.
De wereld die voorbijschoof aan de ruit
Ontging je. Je onderging alleen de pijn
Van liefde in een opzwepende roman.
Je leefde mee met al het wel en wee.
Zo kan alleen voor een vergeten man
Bloedlauwe gloed ontstaan in een coupé.
Je was op bladzij honderzeventien
En daar verdwijnt de trein een tunnel in.
Je kon geen hand, vervloekt, voor ogen zien.
Je zat maar en verroerde daar geen vin.
De wand weerkaatste ploffend het getjoek.
Na uren werd het licht. Je zat er nog,
Maar hield nu in je handen stof, bedrog.
Je tuurde naar een onherkenbaar boek.
Het was als na het vallen van een doek.
Een mens doorkruist zo dikwijls tunnels, ach,
Wat ooit begint als hartslag en gelach
Raakt als een zakmes uit een jongensbroekzak zoek.
Gerrit Komrij
dinsdag 20 januari 2009
Beetje blij
Sommige sombere buien waaien snel over. En het is niet voor het eerst dat gamen daartoe leidt. Kijk nou toch eens wat een leuk filmpje ik zojuist ontdekte op Bibliotheek 2.0:
Beetje treurig 2

Bron: Flickr, foto: f-l-e-x
Gisteren werd ik gelukkig bijtijds door De Pers gewaarschuwd dat het de somberste dag van het jaar ging worden, dus toen kon ik mij ertegen wapenen. Maar vanmorgen, toen ik dacht 'dat hebben we ook weer gehad', raakte ik onverwacht alsnog gedeprimeerd. Wat was de reden? Ik lees al geruime tijd in De Welwillenden van Jonathan Littell en vanmorgen, toen ik er in de trein in zat te lezen, leek het me opeens toch zo fijn om er eens met iemand die dat boek ook aan het lezen is of het gelezen heeft over van gedachten te wisselen. En vervolgens dacht ik: waarom kan zoiets nou niet in de bibliotheek? Je kunt aan de bibliotheek gerust een vraag stellen als 'Hoe kunnen koeien melk geven als ze alleen maar groen gras eten?' (gevonden bij al@din) en daar krijg je dan een keurig antwoord op, maar er is geen mogelijkheid om even over een boek te praten als je daar behoefte aan hebt.
Ja, ik weet dat er leeskringen zijn. Maar ik wil alleen maar even over De Welwillenden praten. Nee, ik verwacht niet dat er een bibliothecaris voor me klaarzit die het boek gelezen heeft en ook niet dat hij me kan doorverbinden met een collega elders in het land die dat wél deed. Ik verwacht niet eens dat er ergens een bibliothecaris is die het boek gelezen heeft (al sluit ik het ook niet uit). Maar zou het niet mooi zijn als er b.v. op de bibliotheeksite een digitaal prikbord was waar je op kon zetten 'Wie wil met me mailen over De Welwillenden?' En dat dat dan echt iets opleverde? Ja, bij LibraryThing zal zoiets wel kunnen. Maar het lijkt me toch veel mooier als het bij de bibliotheek ook zou kunnen. Waarom is de bibliotheek, naast alles wat hij nog meer is of wil zijn, toch ook niet de plaats waar literatuur een hoofdrol speelt? Van die gedachte werd ik een beetje somber.
Labels:
bibliotheek,
lezen
maandag 19 januari 2009
zondag 18 januari 2009
Axie 2

Het weblog(je) Nederland Leest in Grote Letter is klaar en een beetje aangekleed. Binnenkort ga ik de mij bekende contactpersonen voor het ouderenwerk van bibliotheken (en waar mogelijk ook de contactpersonen in zorginstellingen) in Noord- en Zuid-Holland een mailtje sturen met het verzoek de 'actie' te ondersteunen. Als iemand van jullie ook een woordje van solidariteit op het NL in GL-blog wil toevoegen: graag. En als in je bibliotheek een contactpersoon ouderenwerk is en je zou die er op willen wijzen: graag. Ook wie niet 'van een bibliotheek' is wordt van harte uitgenodigd desgewenst een reactie te plaatsen.
Misschien een beetje flauw, maar omdat ik het zo 'officieel' mogelijk wil houden vanwege het t.z.t. hopelijk kunnen overdragen van de reacties aan de CPNB: graag ondertekenen met naam en (indien van toepassing) functie en bibliotheek en a.u.b. maar liever niet aan 'schrijverdezes' refereren.
Als je niks met ouderenwerk hebt of het plan onzin vindt, voel je dan vooral niet verplicht!
Labels:
grootletterboeken,
Nederland Leest
zaterdag 17 januari 2009
Axie

Een paar maanden geleden nam ik mij voor om de CPNB een brief te schrijven met het verzoek bij de volgende ronde van Nederland Leest het gekozen boek ook in een grootletterversie te laten verschijnen. Nu het nieuwe boek bekend gemaakt is dacht ik dat ik nu mijn brief maar eens moest schrijven. Ik heb eerst wat contactpersonen voor het ouderenwerk in bibliotheken gevraagd wat zij ervan dachten en de reacties waren dermate positief dat ik de brief geschreven heb.
Inmiddels heb ik begrepen dat er vorig jaar ook een dergelijk verzoek gedaan is en dat de CPNB wel bereid was een grootletterversie uit te brengen, maar dat het geld dat daarvoor nodig was elders vandaan zou moeten komen. Daar is het helaas op stukgelopen. Mijn verwachting dat het dit jaar wel zal lukken is niet hooggespannen, maar ik wil toch nog wel even verder gaan met mijn 'actie', omdat ik vind dat bibliotheekleden die op grote letters zijn aangewezen niet van Nederland Leest uitgesloten zouden horen te worden. (Dit staat los van wat ik verder van Nederland Leest vind.)
Ik ben nu bezig met het maken van een weblog waarop namen en opmerkingen van mensen die er ook zo over denken verzameld kunnnen worden. Gezamenlijk kunnen we waarschijnlijk meer druk op de CPNB uitoefenen. Helaas zijn mijn 23dingen-vaardigheden, die toch al nooit zoveel voorstelden, bij gebrek aan oefening sterk achteruitgegaan. Het maken van dat weblog kost me daarom meer tijd dan ik verwacht had. En dan moet ik straks ook nog mensen erop gaan attenderen. Deze activiteiten staan, net als het lezen van romans, niet in mijn taakomschrijving en dienen dus evenals dat lezen in mijn vrije tijd te gebeuren. De brief heb ik eerlijk gezegd onder werktijd geschreven, maar veel gekker kan ik het niet maken.
Conclusie van dit verhaal: ik heb even geen tijd om te bloggen. Tot later maar weer.
Labels:
grootletterboeken,
Nederland Leest
vrijdag 16 januari 2009
Wie wat vindt heeft slecht gezocht*

Plaatje komt van BoekenDingen.
Ik heb wel eens eerder gezegd dat volgens mij diverse catalogi nog een heel stuk verbeterd zouden moeten worden voor ze echt klantvriendelijk zijn. En vandaag zeg ik het nog maar eens.
Een collega vertelde me iets over een zoekactie in de catalogus van Bibliotheek Rotterdam. Ik heb die actie nu zelf ook even uitgevoerd en inderdaad: merkwaardig. Het is een heel simpel zoekactietje, nl. dit: we zoeken het boek van Cees Dekker, En God beschikte een worm, en daarna kijken we eens wat die Dekker nog meer geschreven heeft.
Stap 1. Intikken van de titel in het zoekvenster bij 'uitgebreid zoeken'. Keurig verschijnt het boek op het scherm met daaronder de namen van de beide auteurs: C. Dekker en R.W.J. Meester. Beide namen zijn aanklikbaar, dus wat lijkt logischer dan stap 2. te zetten en op C. Dekker te klikken, in de verwachting dat je dan een lijstje met de andere titels van C. Dekker te zien krijgt. Maar zo werkt het helaas niet: je krijgt wel een lijstje maar daar staan opeens allerlei Dekkers op, waar je de C. Dekker die je zoekt tussenuit moet vissen. Dat lukt met een beetje moeite wel, maar handig kan ik het niet vinden. Je zou toch denken dat het niet al te ingewikkeld moet zijn om die catalogus zó te programmeren dat je, als je op een auteursnaam klikt, alleen de titels van díe auteur te zien krijgt en niet ook vanalles (alles?) van zijn naamgenoten. Maak anders zo'n naam maar liever niet aanklikbaar, want dat wekt toch bepaalde verwachtingen.
Eerlijk gezegd vind ik dit nogal stom overkomen.
Nog vreemder wordt het als je 'Cees Dekker' ('Dekker, Cees' geeft hetzelfde) invult in het allereerste zoekvenster dat je op de site tegenkomt. Je krijgt dan drie treffers, waar geen enkele Dekker bij zit. Wel krijg je er geheel gratis een prachtige woordenwolk bij, waaruit je b.v. kunt opmaken welke auteurs nog meer Cees (Nooteboom) of Dekker(s) (Marlies) heten.
Stel dat je, op zoek naar boeken van Cees Dekker, wetend dat hij En God beschikte een worm geschreven heeft, op de site van Bibliotheek Rotterdam bent terechtgekomen via Google. (Dat zou zomaar kunnen, konden wij op ZB Digitaal lezen.) En dan maak je mee wat ik hierboven beschreef. Dan fiets je toch zo snel als je kunt naar de bibliotheek om lid te worden?

* Wie wat vindt heeft slecht gezocht is de titel van een gedicht (en van een bundel) van Rutger Kopland.
Labels:
catalogus
donderdag 15 januari 2009
Beetje treurig

Foto: wikimedia
Soms word je wel eens een beetje blij van een kleinigheid, maar een andere keer toch weer een beetje treurig. Vandaag iets over twee zaken die mij niet vrolijk stemden.
1. Vanmorgen in de trein las ik in De Pers deze regel:
In de VS krijgt iedereen die 10 vriendjes op Facebook dumpt, een gratis Whopper bij Burger King.
In mijn naïviteit dacht ik nog even dat 'dumpen' in dit geval zoiets betekende als 'aanmelden', maar verder lezend begreep ik dat toch gewoon 'eraf gooien' bedoeld werd. Thuisgekomen googelde ik het even en werd me al snel duidelijk hoe het zat én dat het aansloeg.
Ik weet natuurlijk ook wel dat Facebookvrienden meestal geen vrienden in de oude zin des woords zijn, maar het waren toch ooit op zijn minst mensen van wie je het leuk vond dat hun foto bij de postzegelverzameling op je site stond. Maar ja, in een tijd van kredietcrisis is een hamburger nooit weg natuurlijk. 'Erst kommt das Fressen, dann kommt die Moral' zoals Brecht ons lang geleden al voorhield. Waarom daar nu nog om treuren?
2. Ik las vandaag ook het weblog van de bibliothecaris die mij eerder lichtelijk onthutste door de mededeling dat het lezen van romans had moeten wijken voor het lezen van weblogs e.d. Vandaag schreef deze bibliothecaris, van wie de naam er ook nu niet toe doet omdat het me om het verschijnsel gaat, het volgende:
In de afgelopen weken heb ik de schaarse vrije tijd online vooral gevuld met Twitter en de randverschijnselen van Twitter en het lezen van discussies over het nut van Twitter en ik ben bepaald niet de enige. Dat betekent concreet dat je andere dingen laat liggen. Bijvoorbeeld het lezen van Next.
Met het lezen van Next wordt neem ik aan het lezen van nrc.next bedoeld, op zich al een krant voor mensen die het nieuws in hapklare brokken tot zich willen nemen. En Twitter is natuurlijk nog een flinke stap verder, want dat is nieuws in 140 posities. Van mij hoeft niemand de krant te lezen, ik doe het zelf ook vaak niet, maar realiseer je wél dat je alleen ergens van op de hoogte kunt raken door er vele malen meer dan 140 posities over tot je te nemen en geloof maar liever niet dat je door te twitteren ook heel goed van het nieuws op de hoogte kunt blijven, zoals deze bibliothecaris wél doet:
Je kunt daardoor razendsnel koppensnellen en dat is voor informatiegrootverbruikers zoals ik werkelijk een uitkomst.
Maar laat ik niet te veel moraliseren. Eerst maar 's wat eten.
Labels:
Facebook en hamburgers,
Twitter,
twitteren
woensdag 14 januari 2009
Wat ik las 8
Voordat ik De jongen in de gestreepte pyjama las, las ik Sneeuweieren van Ricus van de Coevering. Dit boek hoort thuis in het volgende lijstje:1. Ricus van de Coevering: Sneeuweieren
2. Simone Lenaerts: Zeewater is zout, zeggen ze
3. Willem Jardin: Monografie van de mond
4. Tania Heimans: Hemelsleutels
5. Janneke van der Horst: Ik weet hoe jongens huilen
Herkende iemand dit lijstje? Het zijn de genomineerde boeken voor de Academia DebutantenPrijs 2009. En voor wie nu denkt 'wat is dat nu weer voor een prijs?' geef ik hier enkele winnaars uit voorgaande jaren:
• Anna Enquist voor Het Meesterstuk in 1995
• Jessica Durlacher voor Het Geweten in 1998
• Erwin Mortier voor Marcel in 2000
• Gerbrand Bakker voor Boven is het stil in 2006
• Marieke van der Pol voor Bruidsvlucht in 2007/2008
Sneeuweieren was me een keer in de boekhandel aangeraden en toen onlangs een kennis met wie ik wel eens over boeken praat er ook erg enthousiast over was, ben ik het gaan lezen.
Is er iemand die dit stukje leest en die Boven is het stil van Gerbrand Bakker mooi vond? Die kan ik Sneeuweieren van harte aanraden. Het is een boek met een soortgelijke sfeer en een soortgelijk taalgebruik en ook de meeste recensies die ik gelezen heb wijzen op de overeenkomsten.
Zelf hoorde ik tot die paar lezers (als ik niet de enige was) die Boven is het stil niet zo konden waarderen, en ook van Sneeuweieren was ik niet bijzonder onder de indruk. Ik ging op zoek naar bevestiging van mijn oordeel, want vaak is er toch wel één recensie te vinden die jouw mening tot uitdrukking brengt, maar ik vond alleen lof voor dit boek. Trek je van mij dus vooral niks aan en lees het.
Ik zal niet te veel prijsgeven want het is een boek met een soort 'plot' en die hoor je natuurlijk niet te vertellen als je een boek bespreekt, al doen recensenten dat soms wel.
Het boek gaat over drie mensen die tot elkaar veroordeeld zijn, zoals dat vaker gaat in gezinnen. Het zijn kippenboer Harm, zijn vrouw Olga, die voor ze met hem trouwde zijn huishoudster was, en hun uit Ghana afkomstige geadopteerde zoon David. Harm en Olga hebben David geadopteerd nadat ze een doodgeboren dochtertje hadden gekregen, waarna Olga zelf geen kinderen meer kon krijgen. David was op de basisschool in het dorp een buitenbeentje en werd gepest, maar in de brugklas in de stad is hij niet de enige bruine leerling en daar voelt hij zich beter thuis. Hij is geïnteresseerd in de natuur en wil bioloog of arts worden. Harm zou graag zien dat David later het bedrijf overnam, maar daar voelt David niks voor. Zelf werkt Harm keihard in zijn fokkerij van scharrelkippen en heeft soms niet eens tijd om even naar binnen te gaan om te gaan eten, zodat Olga vergeefs op hem zit te wachten. David haalt af en toe rotstreken uit, zoals het in brand steken van de vogelverschrikker van de buurman. Harm geeft hem dan wel eens een klap. Olga had graag zangeres willen worden en zingt nu in een kerkkoor. Op een dag in de herfstvakantie gaat David naar het moeras om daar een mot die hij gevangen heeft vrij te laten. Na uren is hij nog niet terug en als het al bijna donker is gaat Harm hem zoeken. De rest laat ik onbesproken.
De kennis die me het boek aanraadde noemde het 'verstild' en dat vind ik wel een toepasselijke term. Het verhaal is sober en de stijl ook. Dat beviel me wel, al vond ik sommige zinnen wat stijf en leek het alsof de auteur krampachtig probeerde geen fouten tegen bepaalde 'regels' te maken (zoals niet twee keer achter elkaar hetzelfde woord gebruiken, waardoor 'zien' ineens 'ontwaren' wordt). Wat me hinderde was de vele kippensymboliek: te vaak naar mijn smaak ging het over eieren, veren en het eten van kip. De sneeuweieren uit de titel zijn ook een gerecht met veel eieren, het lievelingstoetje van David. Aan het eind van het boek verkleedt Olga zich in een jurk waar ze zelf veren op genaaid heeft en doet er laarzen bij aan, zodat je meteen denkt: ze ziet eruit als een kip.
Het is een treurig boek over mensen die teleurgesteld zijn in het leven en in elkaar en hoewel ik niets heb tegen dergelijke boeken, integendeel zelfs, miste ik een beetje humor of ironie. Ik denk dat dat de reden is waarom ik het boek niet echt goed vond. Maar nogmaals, als je van Gerbrand Bakker houdt zal Sneeuweieren je hoogstwaarschijnlijk ook bevallen.
Zie hier het weblog van Ricus van de Coevering.
Labels:
Ricus van de Coevering,
Sneeuweieren,
wat ik las
Abonneren op:
Posts (Atom)

