
Mijn eerste 'blogkop'
Wow!ter vroeg aan 90 voornamelijk uit de bibliotheeksfeer afkomstige bloggers waarom zij bloggen. Ik hoor bij die 90 en zal proberen zo goed mogelijk op zijn vraag te antwoorden.
Ik schreef het al eerder: ik blog omdat ik bloggen als verslavend ervaar. D.w.z. ik ben er een keer mee begonnen en na een tijdje kon ik er niet meer mee ophouden. Ik begon eraan omdat het moest vanwege de cursus 23dingen. Al snel merkte ik dat ik het bijhouden van een blog het leukste Ding vond dat er bij was. Daar kan ik vier redenen voor bedenken: 1. het was prettig om aan mijn verbazing en ergernis en soms plezier over de 23 dingen uiting te kunnen geven; 2. stukjes schrijven bleek ik leuk te vinden; 3. het was fijn om reacties te krijgen van de docenten en van collega's die in het zelfde schuitje zaten; 4. ik ontdekte het blog van Annamuis en een blogvriendschap ontstond.
Inmiddels is de cursus afgelopen en blog ik toch verder. Waarom? Vooral omdat ik het niet kan laten. Vraag me niet hoe dat komt want ik weet het niet. Blijkbaar overkomt dit sommige mensen. De vier bovengenoemde redenen spelen nog steeds een rol, al gaat het inmiddels niet meer alleen over de 23dingen, maar ze vormen niet meer de hoofdzaak. Die hoofdzaak is dat bloggen een bezigheid is die mij in zijn greep heeft gekregen.
Stukjes schrijven vind ik leuk, maar het is soms lastig om iets te bedenken waarover zo'n stukje zou kunnen gaan. Ik wil het niet hebben over privé-dingen, maar alleen over dingen die min of meer met de bibliotheek en met lezen te maken hebben. Ik ben er altijd wel een beetje mee bezig en ik ben elke keer opgelucht als het weer gelukt is. Als ik een dag weg ben word ik er zenuwachtig van dat ik nog niet 'geblogd' heb. Ik red me er regelmatig uit met een plaatje of een gedicht. Een enkele keer sjoemel ik met de datum. Natuurlijk heb ik wel eens overwogen om niet elke dag wat te schrijven, maar het nadeel daarvan lijkt me dat ik dan elke dag zal denken: schrijf ik vandaag of morgen? En dat lijkt me nog lastiger dan iedere dag iets verzinnen.
Het leukste aan bloggen vind ik het krijgen van reacties. Tijdens de 23dingen zijn we daar nogal mee verwend omdat de docenten toen op elk stukje reageerden en collega's die de cursus volgden ook vaak. Nu zijn er nog een paar mensen die af en toe reageren. Ik waardeer dat zeer. Daarnaast zijn er volgens 'Clicky' ook nog wat andere mensen die mijn blog lezen, ik denk gemiddeld zo'n 10 per dag. Ik weet niet wíe het zijn, maar ik ben blij dát ze er zijn. Toevallige bezoekers, die b.v. op zoek zijn naar Birkenstock-sandalen, interesseren me eigenlijk niet, al is het wel eens leuk om de zoektermen te zien die ze gebruikt hebben.
Ik heb niet gemerkt dat ik stukjes geschreven heb die meer gelezen werden dan andere. Ik merk wél dat stukjes die ik redelijk geslaagd vind soms geen reacties krijgen en stukjes die ik maar zo-zo vind soms veel meer. De 'posting' waar ik het meest aan gehecht ben is die over ZB Digitaal & De Poezenkrant, die ik in het begin van de 23dingen geschreven heb. Hij ziet er nog wat onbeholpen uit, maar bij het maken van deze 'posting', die ik buiten het verplichte programma om schreef, ontdekte ik dat het ook leuk was om iets te schrijven dat níet over de 23dingen ging. Misschien mijn meest doordachte stukje schreef ik als reactie op een reactie. Het stukje dat ik met de meeste overtuiging schreef ging over mijn werk.
Ik realiseer met dat er zoiets bestaat als een 'biblioblogcommunity'. Ik hoor daar voor m'n gevoel niet bij, maar dat hindert me niet. Het is leuk en leerzaam om er af en toe een kijkje te nemen, maar ik deel het enthousiasme over het 'sociale web' onvoldoende om me een 'biblioblogger' te voelen.
Het grote nadeel van bloggen vind ik dat het zoveel tijd kost. Ik doe lang over mijn stukjes en ik had in de tijd die ik in bloggen heb gestoken inmiddels al heel wat boeken kunnen lezen. Uiteindelijk zal dat waarschijnlijk de doorslag geven om er mee te stoppen. Lezen is evenzeer verslavend, maar ik vind het een 'geestverruimender' tijdsbesteding. Maar voorlopig blog ik nog even door.
