WELKOM OP MIJN WEBLOG

Dit blog is in de loop der jaren veranderd. Ooit ging het vooral over de bibliotheek, nu gaat het meer over lezen en taal. (Wie denkt: de bibliotheek gaat toch óók over lezen en taal, ziet dat anders dan ik.) Ooit werd het elke dag bijgehouden, nu minder regelmatig. Wat hetzelfde gebleven is: opmerkingen zijn van harte welkom.

donderdag 13 november 2008

v/h Kikker

















Je hebt natuurlijk groot leed en klein leed en waar ik het nu over ga hebben hoort duidelijk tot de laatste categorie. Maar toch werd ik er een beetje treurig van. Gisteren was ik bij de boekwinkel en daar zag ik bovenstaand boek liggen. Ha, een nieuw kikkerboek! dacht ik, zeker iets wat nog niet was uitgegeven toen Max Velthuijs dood ging. Maar toen ik het wat beter bekeek verdween mijn enthousiasme al snel: er stond 'naar Max Velthuijs' op en binnenin stond 'Studio Max Velthuijs'. En dat zou allemaal zo erg nog niet zijn geweest, maar wat wel erg was: Kikker is Kikker niet meer. Kikker is een saaie uitdrukkingsloze kikker geworden. Voor Eend en Haas geldt hetzelfde: doorsneebeesten zonder karakter.

Ik heb altijd veel van Kikker gehouden en ben ook toen mijn kinderen er allang te groot voor waren zijn boeken blijven kopen. En nu dit...

Ik geef niks om handtekeningen van auteurs, maar bij Max Velthuijs ben ik twee keer in de rij gaan staan. Hij zette dan niet alleen een handtekening maar schreef ook een opdracht in het boek en het allermooiste was dat hij ook een tekening van Kikker maakte. In een enkele minuut, en stukken mooier dan wat 'Studio Max Velthuijs' er van weet te maken.

Ik neem aan dat dit boek (en de serie 'Kikker & Vriendjes' waar het het eerste deel van lijkt te zijn ) iets te maken heeft met de a.s. televisiefilmpjes over Kikker. De preview die je daarvan kunt zien bevestigt mijn vermoeden: Kikker is een schim van zichzelf geworden.

Kijk, dít is Kikker zoals ik vind dat hij er uit hoort te zien:

woensdag 12 november 2008

Raar of niet?














Foto hier gevonden.

Ik las, via ZB Digitaal, het interview met Edwin dat in COS (Computers op School) heeft gestaan. Een goed en leuk interview, gemaakt door Erno Mijland (de man van de 5 A's), waarin veel van wat de bibliotheek van de toekomst (en die van nu) zou kunnen doen en betekenen voor haar klanten nog eens mooi op een rijtje wordt gezet.

Iets uit dit interview trof me, ook al hoorde ik het niet voor het eerst, opeens als iets merkwaardigs. Edwin zegt dat mensen tegenwoordig soms naar de bibliotheek komen met vragen over de werking van hun mobieltje of over hoe ze hun foto's digitaal kunnen opslaan. En de bibliothecaris moet dan volgens hem niet zeggen 'daar zijn wij niet voor'. Eerst vond ik dat wel logisch en een blijk van klantvriendelijkheid. Natuurlijk is het altijd aardig als je iemand helpt en is klantvriendelijkheid een groot goed. Maar toen ik er wat langer over nadacht vond ik het toch ook een beetje raar. Waarmee ik, laat ik dat er maar meteen bijzeggen, niet wil zeggen dat we het niet meer zouden moeten doen. Maar wat ik er een beetje raar aan vind is dat het lijkt alsof we bij de bibliotheek denken dat iets dat met ICT te maken heeft automatisch iets is dat bij ons thuishoort, omdat het dan over 'informatie' gaat.

Kwam het vroeger wel eens voor dat mensen met hun foto's en een album naar de bibliotheek kwamen en dat de bibliothecaris hen hielp om ze leuk in te plakken? En wat is nou precies het verschil met foto's op Flickr zetten? Waarom kan de bibliothecaris daar opeens wel een rol bij spelen? Omdat je om met Flickr om te kunnen gaan meer vaardigheden nodig hebt dan als je foto's in een album plakt? Maar om een dakkapel te kunnen bouwen, te schaken of je hortensia te snoeien zijn ook vaardigheden nodig. Toch zal de bibliothecaris zich er in die gevallen toe beperken je desgevraagd te wijzen op de doe-het-zelfboeken, schaakboeken of tuinboeken. Misschien helpt hij je nog met het zoeken in de catalogus naar dat ene boek dat 'Snoeien voor beginners' heet en vraagt hij het voor je aan via het IBL, maar niemand verwacht dat hij zal zeggen: neem die hortensia morgen maar mee, dan doe ik het even voor.

Maar met foto's op Flickr zetten doet hij het wél voor. Dat is aardig van hem en zal zijn populariteit en misschien zelfs die van de bibliotheek zeker ten goede komen, maar het is toch ook een beetje raar, vind ik. Maar misschien maak ik een denkfout. Ik hoop dat iemand me dan wil uitleggen waar die fout zit.

Of zou het komen doordat bijna niemand in de bibliotheek meer komt vragen naar doe-het-zelfboeken, schaakboeken of tuinboeken? Omdat wat daar in staat inmiddels allemaal op internet te vinden is? Vinden we het daarom fijn als mensen ons toch nog ergens voor nodig lijken te hebben? In dat geval kunnen we misschien toch ook wel snoeiadviezen gaan geven.

dinsdag 11 november 2008

Lezen met de Franse slag















Albert Edelfelt 1854-1905
Parisienne Reading, 1880

Dit mooie plaatje kreeg ik een tijdje geleden van blogvriendin Anna. Dankjewel Anna!

maandag 10 november 2008

Gehoord

H V Copper Uppercase Letter J

Wat bovenstaande letters in een sms-je betekenen hoef ik niet uit te leggen. Maar een tijdje terug hoorde ik in de tram iemand in haar mobiele telefoon zeggen: 'Dag schat, haveejee.' Dat vond ik toch wel bijzonder, dat een afkorting weer 'terugvertaald' werd naar gewone taal.

Wat me ook verbaast is dat sinds enkele maanden iedereen de hele dag 'okee' zegt, met de klemtoon op de o. Let maar 's op, best kans dat je 't zelf ook doet. Wie begint er toch met zoiets en hoe verspreidt het zich? Als ik dat toch eens wist!

Tot zover de taalrubriek.

zondag 9 november 2008

Lezen moet














Foto (via Google-afbeeldingen) hier gevonden.

Op LibraryLingo las ik een stuk over 'Boekstart', een initiatief van de VOB en de Stichting Lezen. Het verkeert nog in een experimenteel stadium en zal eerst op kleine schaal getest worden, maar het plan is het over heel Nederland 'uit te rollen'. Hoe het precies werkt kun je op LibraryLingo en via de bijbehorende links, naar o.a. een artikel in De Telegraaf, lezen. Het komt er op neer dat je als je een baby hebt gekregen binnen een paar maanden een brief krijgt waarin je wordt aangemoedigd je kind lid te maken van de bibliotheek. Gratis was dit al, maar nu krijg je ook nog een paar cadeautjes. Op het consultatiebureau, waar (in principe) alle baby's komen, wordt na enige tijd gevraagd hoe je op de brief gereageerd hebt. Ook zal het belang van lezen daar nog eens benadrukt worden.

Mijn eerste gedachte toen ik dit las was: mooi! Ik ben er van overtuigd dat lezen en voorlezen heel belangrijk zijn en dat elk kind er mee in aanraking zou moeten komen, liefst zo veel mogelijk. Maar toch kreeg ik even later een beetje de kriebels. Vooral door dit stukje uit De Telegraaf (Langendonk is de projectleider):

De verwachting van Langendonk is dat de wat meer belezen ouders meteen met de brief van de gemeente lid worden van de bibliotheken. "De groep ouders die we dan niet bereiken, gaan we aanspreken op het consultatiebureau.

In deze bureaus zullen speciale leeshoekjes worden ingericht. Vervolgens zullen er vragen worden gesteld zoals 'Heeft u de boekjes gezien?'; 'Bent u al met de cadeaubrief in de bibliotheek geweest?' of 'Wilt u alsnog lid worden?"

Ik vind dit nogal betuttelend overkomen. Het zal er wel aan liggen hóe het gevraagd wordt, maar als ik het zo lees denk ik toch: dat maken wíj wel uit (ik bedoel met wij nu even 'de jonge ouders', wat ik zelf dus niet ben). Straks krijg je ook nog een folder van de sportclub en moet je kind zo snel mogelijk op babygymnastiek. En een paar rekenlesjes zijn ook nooit weg. En ik kreeg ook opeens het akelige visioen dat de arts of verpleegkundige zou zeggen: 'Ik zie hier in het elektronisch kinddossier dat uw kindje nog geen lid is van de bibliotheek. Kunt u dat verklaren?'

Ik moest ook denken aan wat mijzelf is overkomen, zo'n 25 jaar geleden toen mijn oudste kind ongeveer 2 1/2 was en ik met haar op het consultatiebureau kwam. De dokter vroeg wat mijn kind leuk vond om te doen en ik zei: 'Ze vindt het leuk om voorgelezen te worden en boekjes te bekijken en ze kent al hele stukken van Jip & Janneke uit haar hoofd.' Ik was daar als 'jonge ouder' wel een beetje trots op, maar die dokter zag dat anders en zei berispend: 'Er zijn ook nog wel andere dingen dan lezen hoor.' Ik kreeg het gevoel dat ze dacht dat ik elke dag met mijn kind een stuk Jip & Janneke zat in te studeren. Enigszins beledigd ging ik naar huis en ik kan er nóg kwaad om worden...

Op de een of andere manier geeft de nieuwe benadering, hoewel hij anders gericht is, me toch een beetje hetzelfde onaangename gevoel als ik toen had. Dat klinkt misschien gek, maar het zit hem waarschijnlijk in het betuttelende van beide.

Maar ik vind het toch óók een mooi initiatief en ik hoop dat het veel kinderen de genoegens van het lezen zal leren kennen.

zaterdag 8 november 2008

Plaatje zoveel






















Omdat ik dat zwarte vraagteken (en het bijbehorende stukje) hieronder geen leuke blogbinnenkomer vond, bovenstaand wél iets leuks. Ook van Adrian Tomine en ook hier gevonden.

Zelfbeeld zoveel

Het blad was tot nu toe aan mijn aandacht ontsnapt, maar toen het deze keer op zijn rondreis over onze afdeling op mijn bureau terecht kwam nam ik het mee voor in de trein en bleek ik het een leuk en informatief blad te vinden. Ik bedoel het blad //collectie, uitgegeven door nbd/biblion en omschreven als 'mediavakblad voor bibliotheekmedewerkers'.

Artikelen over het boek in zowel zijn papieren verschijningsvorm als als e-book, interviews, een column van Maarten 't Hart, ik las het allemaal met genoegen. Maar ik las ook iets dat me in het geheel niet beviel en omdat het me al een paar dagen dwarszit schrijf ik het nu maar even van me af.

Jan Klerk, o.a. bekend van zijn blog en zijn artikelen over bibliotheek 2.0 in het Bibliotheek-blad, schreef in //collectie een artikel met als titel 'Wereldwijd samenwerken in de wereld van Wikinomics'. N.a.v. het boek Wikinomics van Tappscott en Williams en nog enkele andere boeken houdt de auteur een pleidooi voor een nieuwe, innovatieve en grensoverschrijdende vorm van samenwerking tussen bibliotheken onderling en tussen bibliotheken en andere instellingen.

Dit pleidooi lijkt me prima, al is het ongetwijfeld voor discussie vatbaar. Maar zo zal het misschien ook bedoeld zijn. Maar wat me er in hinderde was deze zin:

Het schaarse talent in bibliotheken is over heel Nederland verspreid en het kan goed werken als die versnipperde talenten in de gelegenheid worden gesteld om gezamenlijk aan vernieuwing te werken.

En dan niet de zin op zich, maar het woord 'schaarse'. Hoezo schaarse talenten? Wie zegt dat? Hoe weet de auteur dat? Is het aardig om dat van je collega's te zeggen? En ik geloof er ook helemaal niks van: volgens mij is er juist veel talent te vinden onder bibliothecarissen. Dat dat talent over het land verspreid is zal zo wezen en dat het nuttig kan zijn het te bundelen geloof ik ook, maar dat het schaars is lijkt mij een aanname waar niks van klopt. Wéér zo'n voorbeeld van een bibliothecaris die de eigen beroepsgroep niet al te veel vindt voorstellen. Kunnen we daar nou niet eens mee ophouden?? YES WE CAN! Als we maar willen.

vrijdag 7 november 2008

Saai of sexy


















Carnegie Library, Ann Arbor, 1949
Foto hier gevonden.

Vandaag stond in De Pers een artikel over de Rabobank. Deze bank stond als 'boerenbank' altijd een beetje in de schaduw bij flitsender banken als ABN Amro en ING. Dat de Rabobank de kredietcrisis aanzienlijk beter lijkt te doorstaan dan andere banken is goed voor het zelfbeeld. Een manager van de Rabobank zegt: 'Saai is het nieuwe sexy. Dan zijn wij nu sexy.'

Voor wie bibliothecarissen saai vindt is dit misschien goed nieuws.

donderdag 6 november 2008

Plaatje






















Tekening: Adrian Tomine

Zwervend over het www vond ik dit plaatje dat ik erg leuk vind. Hier vond ik het.

woensdag 5 november 2008

Therapeutisch lezen


















Bron:Flickr, foto: gwilmore

In de Boeken-bijlage van NRC Handelsblad stond afgelopen vrijdag een artikel over de School of Life, een instituut dat onlangs in Londen van start is gegaan en zich ten doel stelt mensen meer uit het leven te laten halen. De oprichtster, Sophie Howart, zegt: 'Ik wilde de beste elementen uit de culturele sector en de academische wereld combineren met dingen uit het dagelijks leven.' De School biedt cursussen aan en organiseert maaltijden waarbij je kunt leren om een interessant gesprek te voeren en er zijn ook excursies. De schrijver van het artikel ging mee met zo'n excursie, die voerde langs wegrestaurants en begeleid werd door een architectuurhistoricus (David Lawrence) en een schrijver/filosoof (Alain de Botton).

Een aardig artikel over een wat elitair aandoende School (het zal vast duur zijn om aan zo'n excursie mee te doen), dat ik inmiddels waarschijnlijk al weer vergeten zou zijn als er niet iets intrigerends in had gestaan: de School of Life biedt ook bibliotherapie aan. Als je b.v. voor een belangrijke beslissing staat en er zelf niet uitkomt kunnen de bibliotherapeutes (in het artikel is sprake van twee vrouwen) je boeken aanraden die je daarbij kunnen helpen. Je reactie op het boek of op bepaalde passages eruit zegt iets over je, en volgende boeken kunnen dit verder verfijnen. Uiteindelijk weet je welke keus je moet maken. Volgens de website kunnen ook eenvoudiger zaken aan de orde komen, b.v. welke historische romans je het beste kunt kiezen uit het enorme aanbod.

Tja, en dat zette mijn fantasie wel even in werking. Stel je eens voor dat we dat als bibliotheek konden aanbieden... Er zijn vast wel enkele zeer belezen en levenswijze bibliothecarissen die er iets voor voelen. Kunnen we zo'n service niet digitaal van start laten gaan? Ook voor uw levensvragen: de bibliotheek!

(Nee, ik meen het niet echt.)

Wat betreft de verkiezingsuitslag vandaag in de VS, wat valt daar van te leren? Als je in jezelf gelooft en keihard werkt (en e.e.a. misschien af en toe wat te mooi voorstelt) kun je het ver brengen. Hard werken doen we al (ik heb het nu over de bibliotheek), nu nog in onszelf geloven. Tegen de zaken af en toe eens wat te mooi voorstellen zou ik ook geen bezwaar hebben.

dinsdag 4 november 2008

Nog een bloggende Anna


















Plaatje van deze website.

De Pers levert ook vandaag weer blogstof. En het gaat nog over bloggen ook. Vanmorgen las ik een artikel over een Franse kassière*, Anna Sam, die vorig jaar april met een weblog is begonnen waarin ze haar ervaringen achter de kassa beschrijft. Dat blog trok volgens De Pers al snel 600.000 lezers per dag. Kijk, dat is nog 's een aantal! (Ik vraag me overigens af of zo'n aantal wel kan kloppen. Ik heb eerlijk gezegd geen idee. Iemand anders misschien?) Als gevolg hiervan werd ze uitgenodigd voor tv-programma's en inmiddels heeft ze een boek geschreven dat nu ook in het Nederlands vertaald is: De kassière - Mijn leven achter de kassa.

Collega's die in de bibliotheek achter de balie werken: hier is je kans! Schrijf over de mensen die je elke dag ziet en wie weet gaat het jou ook overkomen.

Al eerder schreef in Frankrijk een blogster een boek.

*Voor wie denkt dat je caissière niet als kassière schrijft: het is volgens 'Onze Taal' allebei goed.

maandag 3 november 2008

Koosjer bellen


















Op ZB Digitaal lees ik regelmatig over nieuwe ontwikkelingen op het gebied van mobiele telefoons, mobiel internet, enz. D.w.z. ik zie die stukjes staan en bekijk ze vluchtig want ik heb zelf een mobiele telefoon waar dat allemaal niet mee kan en die bovendien meestal uit staat. En de (hoog)bejaarde lezers waar ik voor werk doen er naar mijn gevoel ook niet zoveel bijzonders mee, al was het alleen maar omdat de toetsen voor hen vaak te klein zijn. Dus ik voel me ook (nog) niet verplicht me er beroepshalve mee bezig te houden.

Maar toen ik vanmorgen in De Pers de kop 'Echt vrome joden bellen alleen met koosjere telefoon' zag staan, was mijn belangstelling meteen gewekt.

Het bericht komt uit Jeruzalem, maar ik denk dat het elders ook wel zal voorkomen: een commisie voor communicatie van (ultra-)orthodoxe rabbijnen heeft, in samenwerking met de zakenwereld, de computersector en juristen, een 'koosjere' mobiele telefoon ontwikkeld. Met zo'n mobieltje kun je niet sms-en, niet internetten en geen foto's maken. Je kunt er alleen mee bellen en dat dan alleen naar door de rabbijnen toegestane nummers. Andere nummers zijn geblokkeerd.

Ik spreek hier geen enkel waardoordeel over uit. Ik lees het en verwonder mij. Als liefhebber van de boeken van b.v. Potok (o.a. Mijn naam is Asher Lev, De rechtvaardige en Uitverkoren) en Singer (o.a. Het hof van mijn vader en De boeteling) en met de sfeer van de joodse buurt in Antwerpen in gedachten (en De Pers heeft er ook een mooie foto bij geplaatst) zie ik het (bijna) voor me: mannen met peies en rituele franje en een zwarte hoed op met een koosjer mobieltje aan hun oor. Vrouwen mogen in het openbaar niet bellen en jongens mogen pas een mobieltje als ze 18 zijn, want voor die tijd moeten ze van vroeg tot laat 'lernen'. (Hoe het met meisjes zit staat niet in het artikel.)

Op zoek naar een bijpassend plaatje vond ik bovenstaande foto op dit weblog, waar het bericht van de koosjere mobieltjes al vorig jaar op 3 nov. op stond en waar te lezen is dat het een dag eerder in The New York Times had gestaan. Beetje oud nieuws dus, in De Pers. Maar voor mij was het nieuw (en op ZB Digitaal heb ik het niet kunnen vinden).

zondag 2 november 2008

Naar het Lezersfeest













Plaatje van Boekendingen.

Voor wie de reacties op dit blog niet leest: mijn 'reactieprobleem' is opgelost, dankzij advies van Edwin. Het zat 'm in het accepteren van cookies. Ik vraag me af waarom men het bij Blogger nodig vindt je te dwingen tot het accepteren van 'cookies van derden' terwijl het vroeger zonder ging, maar dat zal wel aan mijn argwanende aard liggen.

Gisteravond was ik op het Lezersfeest in de centrale van Bibliotheek Rotterdam. Het was het twaalfde Lezersfeest en ik was er voor de derde keer bij. Daaruit blijkt al dat ik niet zo'n fan van dit feest ben. De twee voorgaande keren dacht ik dan ook: hier ga ik nooit meer naartoe, maar na enkele jaren word je dan blijkbaar toch weer nieuwsgierig. Deze keer zag het programma er aantrekkelijk uit, maar ik ging eigenlijk vooral om een beetje participerende observatie te bedrijven, d.w.z. om eens rond te kijken naar wie er allemaal waren en naar wat men er leek te zoeken.

En ja hoor, daar waren ze weer: de honderden hip geklede, trendy bebrilde, net van de kapper komende, elkaar kennende en omhelzende wijndrinkende vijftigers. Twee weken geleden waren ze nog bij de Nacht van de geschiedenis en nu weer hier. En volgende week kom je ze b.v. tegen bij een expositie. Dit klinkt misschien niet zo aardig, maar ik bedoel er niks slechts mee. Er zijn heel wat gezelschappen te bedenken waarin ik me minder op mijn gemak zou voelen. Per slot zijn het leeftijdgenoten, ook al kende ik er verder niemand (nou ja, ik kwam geheel toevallig naast een echtpaar uit mijn eigen straat te zitten, maar daar bleef het bij) en moet ik al weken naar de kapper.

Het is duidelijk dat er behoefte bestaat aan avonden als deze, want het is er elk jaar erg druk terwijl het toch niet goedkoop is. Een heleboel mensen staan gerust een half uur in de rij voor de 'workshop humor' om er vervolgens niet meer in te kunnen (ik hoorde bij die mensen) en er zitten er honderden naar interviews met schrijvers te luisteren (daar was ik ook bij). Daarom vind ik het heel mooi dat de bibliotheek elk jaar een dergelijke avond organiseert.

Toch heb ik er een beetje gemengde gevoelens over. Rotterdam is de armste stad van Nederland en meer dan de helft van de inwoners is allochtoon. En wie zie je op het feest: de blanke bovenlaag. Ik moet, om eens een wat minder politiek-correcte uitspraak te doen, eerlijk zeggen dat ik het, als bewoner van een wijk waar die blanke bovenlaag nogal in de minderheid is, wel prettig vind af en toe eens ergens te zijn waar het niet zo multi-culti is. Maar ik vind óók dat de bibliotheek er voor iedereen is en ik zou het fijn vinden als ze ook eens een feest wisten te organiseren waar een andere groep door werd aangetrokken en dat óók een groot succes was. En dan vind ik zo'n iftarmaaltijd waarover Wies schreef beslist een prachtig inititatief, dat voor Rotterdamse wijkbibliotheken volgens mij ook zeker een idee zou zijn, maar ik zou in de centrale bibliotheek toch liever iets multicultureels zien dat met literatuur en lezen te maken heeft. En ook een keer iets dat jongeren leuk vinden. En iets voor bejaarden. En iets voor streekromanlezers. Dat idee. (Gewoon elk kwartaal een ander feest...)

Maar goed, ik zag Mulisch en Siebelink en nog een paar schrijvers en dat was heus heel aardig en om Herman Brusselmans heb ik erg gelachen. Maar net als de beide voorgaande keren dacht ik: aan mij is het eigenlijk niet besteed. Veel te druk en je hoort niks nieuws. Jammer dat ik niet meer bij de 'spoedcursus humor' van Geleijense en Urgert naar binnen kon, dan zou ik er vast meer plezier aan beleefd hebben.

zaterdag 1 november 2008

Lkkr schrvn














Plaatje van deze website.

Daar ben ik weer. In het boek van Mortier vorder ik zo traag dat ik mijn leespauze maar opgeef. Op Siebelink, die ik wél uit heb, zal ik eerdaags nog wel terugkomen.

'Het regent en het is november'; ik kan niet meer reageren op de meest spraakmakende blogs; bij een gerenommeerd bibliothecaris las ik dat hij al geruime tijd geen fictie meer leest; bij het op de markt proeven van een plakje kaas brak een stuk van mijn door de tandarts zorgvuldig gerestaureerde verstandskies af; kortom: er is minder nodig om mij danig uit mijn humeur te brengen. En toch ben ik redelijk opgewekt gebleven.

Ik kan daarvoor twee redenen bedenken: 1. De buschauffeur zei toen ik terugkwam van de markt weliswaar niet tegen mij maar wel tegen een dame van mijn leeftijd: 'Als jij instapt schijnt altijd de zon.' 2. Mijn jongste dochter belde me vanmorgen op met de vraag of ik nog naar de markt ging. Toen ik daarop bevestigend antwoordde, zei ze dat ik dan wel even langs kon komen in de bibliotheek (de centrale van Bibliotheek Rotterdam, naast de markt), omdat zij daar zat te studeren. Ik ging langs en dit zag ik:

Mijn dochter en een vriendinnetje zaten aan een grote ovale tafel op de muziek- & filmafdeling, mijn dochter met boeken en het vriendinnetje met een laptop. Ze waren voorzien van boterhammen, d.w.z. vriendinnetje want dochter was ze vergeten, thermosfles met heet water, theezakjes, bekers en mandarijnen. Het zag er reuze gezellig uit en ik betreurde het dat ik geen telefoon met fotofunctie had. Ik vroeg, met een ervaring van enkele maanden geleden in mijn herinnering: 'Mag dat wel?' Ja hoor, dat deden ze altijd en er had nog nooit iemand wat van gezegd.

We mijmerden wat over een bosje bloemen en een geruit tafelkleedje. Omdat mijn dochter geen brood had ging ze even mee naar buiten om iets te eten te kopen bij de bakker. Toen gingen we meteen maar even kaas kopen op de markt (met het bovengenoemde gevolg voor mijn verstandskies) en kwamen langs een stoffenkraam, waar we erg leuke stof zagen met oud-hollandse boerentafereeltjes. Mijn suggestie dat dat een aardig tafelkleedje kon opleveren viel in goede aarde, dus mijn dochter vertrok weer naar de bibliotheek met een zak krentenbollen, een zakje sinterklaaschocolaatjes en een tafelkleedje. Graag had ik het effect nog even in ogenschouw genomen.

De voorbereidingen voor het Lezersfeest waren in volle gang. Daar hoop ik mij vanavond te vervoegen.

Probleem, vervolg

Dit zijn de Blogger-reactievelden die ik tegenkom. Het eerste komt van ZB Digitaal, het andere van Anna. Het tweede herkent me als ik ben ingelogd, zoals te zien is, het eerste niet. Wat moet ik daar dan kiezen??