
Het is soms verleidelijk om te doen alsof je iets weet, maar verstandig is het zelden. Ter illustratie een klein verhaaltje. Het speelt 43 jaar geleden, ik was 17 en had een vriendje in Zeeland, waar ik een keer op bezoek ben geweest. Ik logeerde er niet, maar sliep bij andere mensen, misschien vanwege de moraal, misschien door plaatsgebrek, dat weet ik niet meer en misschien wist ik het toen ook wel niet. Maar ik ging wel bij dat vriendje thuis eten.
Wij aten thuis wel eens vis, en die kwam dan uit een iglo-pak of uit een blikje, en soms op zondagavond bij de boterham zo'n vieze rolmops uit een pot (die at ik dus niet). Bij dat vriendje kreeg ik echte, verse vis. Als ik het mij goed herinner at ik samen met hem en een vriend, niet met zijn ouders, gelukkig maar. Ik denk dat het schol was, wat we aten. Of misschien was het tong. En ik wist nog net dat een vis een graat in het midden had en die haalde ik er dus uit, maar dat er ook nog van die kleine gemene zij-graatjes inzaten, dat wist ik niet. En toen vroegen die jongens: moet je de andere graten er niet uithalen? En ik antwoordde met enige overtuiging: nee hoor, die eten wij altijd op. En ik at ze allemaal op. Vraag me niet hoe.
Dit verhaal heeft een moraal. En die luidt: geef het maar liever gewoon toe, als je iets niet weet. Ik denk dat het heel belangrijk is als kinderen dat op school al heel snel leren. Dat kan veel narigheid voorkomen.
(Tussen dat vriendje en mij is het verder niks geworden.)
Plaatje hier gevonden.
Dit verhaal heeft een moraal. En die luidt: geef het maar liever gewoon toe, als je iets niet weet. Ik denk dat het heel belangrijk is als kinderen dat op school al heel snel leren. Dat kan veel narigheid voorkomen.
(Tussen dat vriendje en mij is het verder niks geworden.)
Plaatje hier gevonden.
